Home > Nieuws > Eerste nieuwsbrief China reis 2014 Guido van Oss
Mee doen?
 
Vul uw gegevens hieronder in om onze nieuwsbrief te ontvangen!
Volg ons op Facebook!
 

Eerste nieuwsbrief China reis 2014 Guido van Oss

 
 
Eerste nieuwsbrief China reis 2014 Guido van Oss
 
Geschreven door Guido van Oss *)   
zaterdag, 16 augustus 2014 15:39

Zet China de wereld op zijn kop?

Beste allen,

Zet China de wereld op zijn kop? luidt de vraag van mijn eerste nieuwsbrief van deze China reis in 2014

Bij deze eerst even een kort overzicht van wat ik in deze nieuwsbrief aan de orde stel.

Zet China de wereld op zijn kop? De vraag stellen is hem beantwoorden zeggen ze soms. Maar  zo eenvoudig ligt het in dit geval volgens mij niet. In deze nieuwsbrief probeer ik deze tamelijk grote vraag te beantwoorden door met jullie mijn indrukken te delen die ik opdeed tijdens mijn gesprekken met  diverse Chinezen en een enkele westerling die ik tot nu toe op mijn reis ontmoette. De westerling is architect, de Chinezen in deze nieuwsbrief genoemd, bestaan uit een kritisch koppel dat ik in Peking sprak en een milieulerares uit Zuidwest-China. Tijdens mijn reizen door China, vanaf begin 2005 tot heden, dus over een periode die al de tien jaar nadert, reisde ik kris-kras door China en vooral ook veel in Zuidwest-China, waar ik dan ook met name mijn indrukken op baseerde en baseer. China kent grote ontwikkelingen en veranderingen. Zet het daarmee ook de wereld op zijn kop?  Lees mijn weloverwogen antwoord in deze nieuwsbrief en je kunt je er op zijn minst enige indruk van vormen. Ik wens je veel leesplezier toe !


Hartelijke groeten vanuit Kunming, Yunnan, Zuidwest-China, Guido van Oss

Reacties op deze nieuwsbrief  zijn uiteraard welkom, mail dan naar: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.

Zet China de wereld op zijn kop?

China zet de wereld op zijn kop, was de slim gekozen titel van een boek over de booming economie van China een aantal jaren terug. Napoleon zou ooit hebben gezegd dat de wereld pas werkelijk iets te vrezen had wanneer de Chinese draak in beweging komt, dit is inmiddels onmiskenbaar het geval. Westerse wetenschappers en journalisten, zoals Volkskant-journalist Fokke Obbema in zijn boek China en Europa, relativeren echter deze beelden. Het Westen is volgens hen nog lang niet uitgeregeerd, de beurscrash van 2008 is nog lang niet synoniem aan de val van het Romeinse Rijk. Het Westen vindt haar weg wel weer, China daarentegen loopt nog ver achter op het Westen door de enorme milieuproblematiek, een gebrek aan kritische zelfreflectie door alle overheidscensuur, de inefficiënte organisatie van veel dingen, corruptie en de enorme kloof tussen arm en rijk. De Nederlandse sinoloog Stefan Landsberger stelde er het fraaie beeld van China als toverbal en wonderspiegel tegenover: iedere keer als je voor jezelf een coherent beeld over China lijkt te hebben gevormd, blijkt dat al weer snel aanpassing te behoeven omdat in China alles zo groots en complex is en het veranderingstempo zo onvoorstelbaar groot is.

Tja, er is veel groei en veel bereikt in het China van de afgelopen 35 jaar, dat is zo. Maar ook waar is dat er nog enorme problemen zich voordoen die schier onoplosbaar lijken. Natuurlijk zijn dit niet alleen problemen van China, wereldwijd doen zich in feite dezelfde problemen voor: forse ongelijkheid op gebied van inkomens en vermogen, instabiliteit op veiligheidsgebied en een enorm gebrek aan duurzaamheid op milieugebied. Of het Westen of het Oosten of beiden uiteindelijk de sleutels zullen vinden om deze problemen structureel op te lossen, zal komende decennia moeten blijken.  Een antwoord op de vraag of China de wereld op zijn kop zet, is moeilijk te geven. Zelf vind ik het interessant om vanuit deze grote vraag eerst ‘af te dalen’ naar het leven van een aantal Chinezen en een enkele westerling die ik dit keer voor het eerst ontmoette in China. Laat ik in deze nieuwsbrief eerst verslag doen van de vaak heel openlijke en vrije discussies die ik met hen voerde. 

Discussies in Peking

Peking is het politieke hart van China, uiteraard. Als stereotiep gelden de van origine echte Pekinezen als tamelijk eigenwijs, sommigen onder hen hebben een uitgesproken mening die niet altijd goed valt bij de overheid, ook de censuur op vrije meningsuiting is in de Chinese hoofdstad en centrum van de politieke macht fors. Niettemin kun je als westerling makkelijk mensen uit Peking te spreken krijgen, overigens natuurlijk lang niet altijd per se van origine Pekinezen, die geen blad voor de mond nemen en die graag hun ongezouten kritiek op het Chinese overheidsbeleid met je delen.

Zo sprak ik, na een eerste toevallige ontmoeting, in een tweede gesprek uitvoerig met een in Peking woonachtig koppel dat overigens niet van oorsprong uit Peking komt. Het koppel putte zich uit in het geven van voorbeelden van hun kennis over politiek gevoelig liggende zaken: zij noemden onder meer de officieel verbannen film A touch of Sin van de internationaal erkende meesterfilmer Jia Zhangke. 

Snoeiharde kritiek op voor individu vervreemdende samenleving

Om de gevoeligheid van deze zeer recent gerealiseerde documentairefilm te duiden geef ik hier eerst een korte uitleg van de film gebaseerd op een recensie die ikzelf schreef voor kwartaaltijdschrift China Nu: “Kriskras door China gefilmd, vooral in een aantal grote steden, laat Jia in deze film in vier verhalen zien hoe individuen verstrikt raken in verstikkende verbanden binnen de Chinese samenleving. De grote contrasten tussen arm en rijk, corruptie, wantoestanden in de mijnbouw, decadentie aan de top, overspel, sauna en massage voor het plebs en nachtclubprostitutie voor de elite: het komt in de film allemaal voorbijtrekken. Alle verhalen zijn gebaseerd op onofficiële nieuwsberichten die vooral rondgingen op Weibo, het Chinese twitter, en elk verhaal heeft een gewelddadig einde. Het dorpshoofd, de fabrieksdirecteur, de boekhouder en de hoerenloper, allen treft hetzelfde lot: de dood. In ieder verhaal komt de dader zelfs sympathiek over omdat Jia juist, met opzet lijkt het, alleen hún karakters heeft uitgewerkt. Jia stelt een groot aantal maatschappelijke thema's aan de kaak: China als het land waarin het zwaar verstedelijkte anonieme leven vervreemdende effecten op het individu heeft, arbeidsverhoudingen verstoord zijn en families gebroken zijn. De individuen wreken zich bovenal op de samenleving omdat zij zich miskend, afgewezen en genegeerd voelen door hun directe omgeving. Jia levert met zijn film snoeiharde kritiek op de Chinese maatschappij. Zo hard dat je de film niet in het officiële Chinese filmcircuit zult kunnen vinden.” (ontleend aan mijn recensie van de film in China Nu, voorjaar 2014)

Maar zoals zo vaak blijken de intellectuele Chinezen, zoals dit koppel, er bekwaam in allerlei omstreden informatie wel voor zichzelf te kunnen bemachtigen. Zij laten deze informatie niet door de censor van zich afnemen. Het koppel voegt er aan toe dat het leven in een megapool als Peking inderdaad veel mensen van elkaar vervreemdt. Door de enorme werkdruk in de Chinese megasteden hebben mensen in de ogen van dit koppel vaak geen tijd meer voor elkaar, ze zien dit als een groot probleem van het wonen in deze Chinese metropool. 

Macabere, mistige beelden van Drieklovendam

Het koppel noemt nog een tweede documentaire film van Jia die ook veel bekendheid geniet in China, de film Still Life, waarin de vervreemdende effecten van de realisatie van de grootste dam ter wereld, de Drieklovendam worden uitvergroot in macabere, met mist omgeven, beelden. De sinistere, wereldvreemde werkelijkheid lijkt haast niet te achterhalen, mensen raken alle sporen uit het verleden bijster in steden en stadjes die half onder water zijn verdwenen. Vanwege het project moesten naar schatting 1,5 tot 2 miljoen mensen verhuizen. Het koppel kent ook het eerste China-boek van Peter Hessler, jarenlang topjournalist over China voor de Amerikaanse media. In zijn eerste boek River Town beschrijft Hessler de culturele kloof tussen hem en zijn Chinese leerlingen wanneer hij Engelse les geeft in een stadje aan de rivier gelegen in het gebied waar ook het Drieklovendam-project speelt. Dit gebied ligt niet ver van de geboortestreek van het koppel en ze zijn duidelijk trots op hun herkomstgebied.

We komen zelfs te spreken over het verdwijnen van een vlucht van Malaysia Airlines (niet te verwarren met het recent in de Oekraïne neergehaalde vliegtuig van Malaysia Airlines).  Het  in het voorjaar verdwenen vliegtuig is een onder veel Chinezen uiterst gevoelig liggend onderwerp, omdat tot op heden niet duidelijk is waar de, vooral Chinese, slachtoffers van deze vliegramp of terroristische actie zich bevinden. Opvallend is dat het koppel bevestigd dat hier ook sprake kan zijn van een complot waarbij rekeningen vereffend zouden zijn geworden binnen de allerhoogste top van de Chinese politiek. Het koppel kent deze complottheorie, die circuleert onder Chinese dissidenten, de waarde van het gerucht is ook hen uiteraard onbekend. 

‘Vastgoedbubble’ staat op ontploffen

Een andere persoon die ik evenals het koppel dit jaar voor het eerst ontmoette in Peking is een westerse architect die sinds een half jaar in Peking verblijft en me een uitermate scherpe spiegel voorhoudt over hoe hij de Chinese werkelijkheid ervaart. Als architect maakt hij veel lange werkdagen. Zijn ervaringen met Chinese klanten zijn niet zo positief: ze zijn vaak verwend en willen aangeleverde concepten waar al heel veel werk inzit, voortdurend weer veranderen. Zijn ervaring is dat ze vooral een concept kopen als er een mooi verhaal achter zit voor het concept bedacht is. De logica van het concept zelf interesseert ze vaak helemaal niet. Vanuit zijn achtergrond met kennis van de vastgoedmarkt schat de architect in dat China komende jaren niet aan een kredietcrisis kan ontkomen wegens de enorme ‘vastgoedbubble’ die zich nu voordoet. De architect: “Schaduwbankieren heeft ook in China groteske vormen aangenomen. De afgelopen jaren hebben ze problemen kunnen vermijden maar het gaat nu zeker een keer mis. Ik verwacht dat de Chinese vastgoedmarkt allereerst in Wuhan zal ontsporen. De stad Wuhan is uitermate ambitieus, zij hebben gezegd de tweede stad van China te willen worden, dit zijn ze bij lange na nog niet. Natuurlijk kunnen ze moeilijk zeggen dat ze de eerste stad willen zijn, want dan zorgt Peking ervoor dat ze worden weggevaagd. (lacht) Hoe dan ook: de vastgoedproblemen in China zijn enorm. Heel veel partijleden hebben een groot deel van hun geld in het buitenland geparkeerd en zullen op de vlucht slaan zodra de vlam in de pan slaat. Ik denk dat er hier nog spannende tijden zullen aanbreken.” Terwijl de kredietcrisis wereldwijd een beetje tot een oplossing komt, zal een dergelijke crisis zich komende jaren naar de mening van de architect juist in China gaan manifesteren. “Doordat de partijelite veel geld naar het buitenland loodst, is er in China zelf uiteraard sprake van een enorme kapitaalvlucht. Weliswaar kan een dictatuur snel reageren en is een dictatuur politiek erg wendbaar, maar toch verwacht ik dat het in dit geval eerst helemaal uit de hand zal lopen. Veel appartementencomplexen zijn gebouwd om puur speculatieve redenen. Het geld dat daarvoor besteed werd, is vaak daarna weer helemaal onttrokken aan deze grootse projecten, kortom de financiering van veel megaprojecten staat volledig op losse schroeven.” 

China's betonnen revolutie dendert onverminderd voort

De betonnen revolutie van China is uiteraard een thema dat niet alleen deze westerse architect maar ook kritische Chinezen bezighoudt. Een juweel van een documentaire daarover zag ik tien jaar geleden op een Nederlands documentaire-festival. De documentaire heette The Concrete Revolution. Met deze film trok cineaste en schrijfster Xiaolu Guo in 2004 de aandacht van het internationale filmpubliek. Alleen al de titel vormt een mooi contrast als variant op de Culturele Revolutie die drie decennia eerder China overdonderde.  In haar documentaire stelde Guo aan de kaak hoe Peking in een duizelingwekkend tempo veranderde in een moderne stad. Grote delen van het oude Peking werden daarbij vernietigd. "Ik wil dat mensen via deze documentaire beide kanten van Peking leren kennen," verklaarde de schrijfster destijds in een interview dat ik met haar had voor China Nu.  "Vanwege de aankomende Olympische Spelen verandert alles nu in een ongekend tempo. Het feit dat mensen daardoor letterlijk de weg kwijtraken in deze stad, heb ik gebruikt als metafoor. Ik besef dat ik met mijn documentaire een overwegend zwart beeld van het huidige Peking oproep. Veel jonge mensen hebben een hekel aan oude dingen. Maar wanneer je ouder wordt, ga je oude huizen en mooie, oude dingen juist waarderen. Ik hoop dat Chinezen de komende tien à twintig jaar tot inkeer komen en oude dingen gaan koesteren."

IJdele hoop? Inmiddels zijn we tien jaar verder en zouden we kunnen proberen een balans op te maken. Wie anno 2014 Peking en diverse andere miljoenensteden in China bezoekt, moet tot de conclusie komen dat de betonnen revolutie die Guo aan de kaak wilde stellen nog steeds in volle omvang voortwoedt. De ‘vastgoedbubble’ eist daarbij bovendien zijn tol: veel flats in de buitenwijken hebben te kampen met enorme leegstand.

Van tijd tot tijd bezoek ik de steden in het armere Zuidwest-China zoals de provinciehoofdsteden Chengdu, Kunming, Nanning en Guiyang. Ook voor die steden kan ik alleen maar constateren dat de betonnen revolutie allesoverheersend is. Het centrum van de Sichuanese hoofdstad Chengdu bijvoorbeeld veranderde daardoor het afgelopen decennium welhaast onherkenbaar. Maar ook de hoofdstad Guiyang van Guizhou, de armste provincie van China, onderging een enorme metamorfose. Zo'n tien jaar geleden oogde Guiyang vooral nog als een tamelijk suf provinciestadje. Inmiddels wordt de skyline echter bepaald door megalomaan aandoende bankkantoren en hebben ook internationale hotelketens als Pullman en Sheraton Inn er grote, luxueze hotels neergeplant. Het eens zo sobere treinstation van Guiyang wordt in grootte verdubbeld, mede om ruim baan te geven aan de binnenkort te verwachten hogesnelheidslijn. De buitenwijken met torenhoge flats zijn ondertussen ook meer dan twee keer zo groot dan tien jaar geleden.

In het straatbeeld valt daarnaast op dat deze‘arme’ provinciehoofdstad te oordelen naar het autopark beschikt over een grote groep nieuwe rijken: het stadscentrum staat vol met de nieuwste, grootste modellen van de toonaangevende Duitse automerken: BMW, Volkswagen, Mercedes-Benz en Audi. Ik zie zelfs enkele van de duurste, futuristisch ogende sportauto’s van Porsche en Ferrari staan.  Of er in China, na enorme economische groei, uiteindelijk ook meer aandacht komt voor het culturele erfgoed en of deze groei een goede bodem vormt voor groei in de culturele sector valt nog te bezien. China blijkt in het afgelopen decennium opnieuw vooral eenzijdig te hebben geïnvesteerd in infrastructuur en gebouwen in plaats van in wat Marx de culturele bovenbouw noemde. Een documentaire als The Concrete Revolution zou nu met evenveel gemak ook in de provinciehoofdsteden van Zuidwest-China kunnen worden gemaakt. Het pleidooi van documentairemaakster Xiaolu Guo voor een sterkere bewustwording van het belang van behoud van China's culturele erfgoed lijkt helaas nog steeds overwegend aan dovemansoren gericht. 

Milieuverbetering eist ijzersterke motivatie en eindeloos geduld

In China pleiten voor een beter milieu is bijna als vloeken in een kerk. Milieuverbeteraars moeten er over een ijzersterke motivatie en eindeloos geduld beschikken. In de stad van de eeuwige lente, waar in mijn westerse ogen niet meer zo heel veel van over is, de miljoenenstad Kunming, spreek ik zowaar met een heuse milieulerares. Verbetering van milieubewustzijn kan gaan om dingen als afvalscheiding en het hergebruik van eetstokjes, meldt zij mij. Daarnaast is er volgens de milieulerares binnen de Chinese samenleving echter ook een mentaliteitsverandering nodig op een veel diepgaander niveau. “Een groot verschil met westerlingen is dat veel Chinezen niet religieus zijn. Allerlei religieuze stromingen brengen mensen respect voor de natuur bij. Dit respect vind je terug bij de minderheidsvolkeren van China. Zij geloven dat elk levend wezen een geest heeft, en ze geloven zelfs vaak dat vuur en steen ook geesten hebben. Bij de Dai-minderheid in Zuid-Yunnan heeft ieder dorp een heilige berg of heuvel, meestal vlakbij het dorp. Het is verboden om daar planten af te snijden of dieren te doden, want deze behoren de geest of god toe die de berg bewoont. Vanuit dit geloof beschermen de Dai dus een groot deel van de hen omringende natuur: op en rondom deze heilige bergen is het tropische regenwoud beter intact gebleven.”

Dit neemt niet weg dat er in Xishuangbanna veel stukken regenwoud, en veel planten en diersoorten, verloren zijn gegaan. Hiervoor zijn overwegend monoculturen in de vorm van rubber- en bananenplantages in de plaats gekomen, die vooral geëxploiteerd worden door Han-Chinezen. De religies van de Dai en andere minderheden bevorderen volgens de milieulerares dus de natuurbescherming, in tegenstelling tot de leefwijze en levensovertuiging van de Han-Chinese meerderheid. “De meeste Han-Chinezen koesteren geen religie, ze hangen hooguit de CCP, de Chinese communistische partij aan. Maar dat is slechts een politieke overtuiging, daaraan kun je niet de betekenis van het hele leven ontlenen. Slechts een beperkt aantal, meestal oudere, Chinezen hangen nog de eeuwenoude levensovertuigingen aan van bijvoorbeeld het confucianisme of taoïsme. Ik denk dat het aanhangen van die overtuigingen, evenals het boeddhisme en christendom, mensen kan aansporen zich milieubewuster te gedragen. Ik hoop en geloof dat Chinezen in de komende decennia meer tot deze levensovertuigingen zullen komen en daardoor beter met het milieu zullen omgaan.”

2006 was voor de milieulerares een mooi jaar omdat ze toen vijf weken mocht meedoen aan een uitwisselingsprogramma over botanische tuinen in Engeland. “Dit verbreedde mijn horizon. Het indrukwekkendst was voor mij om te zien hoe milieubewust westerlingen zijn. Het is voor Chinezen de moeite waard zijn om hier van te leren . Daarom nam ik toen ook het besluit om de rest van mijn leven te wijden aan milieueducatie. Ik wil Chinezen wijzen op het belang van duurzame groei en hen stimuleren om kritisch na te denken over de manier waarop ze nu met het milieu omgaan.”

In 2011 leefde de milieulerares een maand op een klein eiland in Thailand. “Daar leidde ik een heel simpel leven. In de ochtenden deed ik aan yoga en meditatie op het strand, ‘s middags las ik boeken, en ‘s avonds dronk ik biertjes met andere toeristen. Computer en telefoon gebruikte ik nauwelijks. Dit eenvoudige leven maakte mij duidelijk dat vervuiling vanuit het menselijke hart komt: zodra mensen in harmonie met de natuur leven, willen ze de wereld niet meer vervuilen en vernietigen. Veel Chinezen en westerlingen verdienen veel geld en leiden een modern leven. We zijn niet snel tevreden en willen steeds meer. Maar als je in harmonie met de natuur kunt leven, kun je veel makkelijker tevreden zijn en simpelweg van het leven genieten.”

De milieulerares gebruikt haar ervaring met het leven op dit kleine eiland nu in haar lezingen over milieueducatie. “Voorheen benadrukte ik in die lezingen altijd hoe je door naleving van allerlei regels tot een milieuvriendelijker leven kunt komen. Nu draag ik in mijn lezingen veel meer gevoel over. Ik laat mensen beleven hoeveel beter ze zich zullen voelen als ze in een mooie, schone en zuivere omgeving kunnen opgroeien. Dat doe ik door mijn lezingen te voorzien van allerlei mooie plaatjes en prachtige muziek. Ik laat mensen tijdens mijn lezingen ook mediteren en aan den lijve het vriendelijke contact tussen natuur en mensen ervaren. Zo probeer ik het hart van mensen te verzachten.”

In vergelijking met het leven op dat kleine eiland is het leven in de miljoenenstad Kunming volgens de milieulerares erg materialistisch. “Materieel is alles hier beschikbaar: telefoon, computer, en grote winkelcentra waar je alles kunt kopen wat je wenst. Die spullen vergroten alleen maar je behoefte tot een nog materialistischer leven en je wens tot nog meer luxe en rijkdom. Het is door het massale aantal mensen in zo’n megastad veel moeilijker om menselijke contacten aan te gaan.”  

En zet China de wereld de komende decennia op zijn kop?

Veel van de grote thema’s van zowel de wereld als van China trekken in dit gesprek met de milieulerares en ook tijdens de andere gesprekken beschreven in dit reisverslag voorbij. China is groot, de ontwikkelingen zijn er grotesk, nogal eens op het megalomane af. Schrijnende armoede bestaat er naast grote rijkdom, willekeur en censuur van de overheid, corruptie die welig tiert en vooralsnog een immense vervuiling van het milieu: hoe valt dit tij te keren? Zal uit de snelle economische groei en grootscheepse onderzoeken naar technologische vernieuwing uiteindelijk vanzelf een antwoord naar boven komen drijven? Dit al laat zich uiteraard uitermate moeilijk voorspellen. Door de alsmaar verdergaande globalisering kon China met zijn enorm en goedkoop arbeidspotentieel uitgroeien tot de fabriek van de wereld. Dat met de verhuizing van al die productie de vervuiling ook meeverhuisde kwam het Westen maar al te goed uit en valt China moeilijk kwalijk te nemen. Op economisch gebied maakte het land na de desastreuze Mao-periode een heus ‘wirtschaftswunder’ mee dankzij het pragmatisme van Deng Xiaoping: de zogenaamde ‘socialistische markteconomie met Chinese karakteristieken’, enerzijds zo kapitalistisch als de pest, anderzijds een kapitalisme waarbij de overheid op alle cruciale punten meestuurt.

Maar moeten we in het Westen de suprematie van China nu al gaan vrezen of is dat nog tamelijk voorbarig? Ik denk het laatste. Er is weliswaar veel gebeurd en ontwikkeld in China, maar de grote vraag is in hoeverre dit duurzaam is en op lange termijn valt te bestendigen. Voor de oplossing van enkele grote problemen, vooral milieu en armoede lijkt een onwrikbaar vooruitgangsgeloof nodig in onverwachte en revolutionaire, nieuwe, technologische oplossingen, naast natuurlijk, overigens niet snel te verwachten, politieke veranderingen. Of deze oplossingen en veranderingen zich in de nabije toekomst zullen voordoen blijft uiterst ongewis.

Stabiliteit oftewel veiligheid, de grote verschillen tussen arm en rijk, en de milieuvervuiling zijn de grote drie problemen van deze aarde, die op alle continenten zich laten voelen. In zekere zin manifesteren die problemen zich in China nog meer dan elders door de grote omvang van het land en haar bevolking.

Ja, China is inderdaad ook een wonderspiegel, blijf je langere tijd op het arme platteland, in de kleine steden en armere stadswijken in de Chinese megasteden en je vooruitgangsgeloof zal rap verdwijnen. Wanneer je dan echter weer terugkomt in de moderne stadswijken waar het hart van de economische bedrijvigheid bonkt, tja dan behoeft je beeld weer rigoureuze bijstelling. Maar vooralsnog leeft het overgrote deel van de bevolking in onze ogen nog steeds in tamelijk armoedige omstandigheden. Daarbij moeten ze in een behoorlijk competitieve arbeidsmarkt lange uren maken en dat onder vaak bepaald niet gezonde arbeids- en leefomstandigheden.

Als natie gedraagt China zich steeds meer zelfbewust, op gewiekste wijze slaagt ze er in het internationale politieke spel veelal in haar eigen voordeel uit te buiten. Daar weet een dictatuur zich in het voordeel, mede door de vaak door verdeel- en heerspolitiek geringeloorde westerse tegenspelers. Maar het is maar ten zeerste de vraag of China nu wel echt terecht zoveel aanspraak op de door haarzelf voorgewende superioriteit kan maken. Of China de komende decennia de wereld op zijn kop zal zetten, is gelet op de nog schier eindeloos onoplosbaar lijkende problemen van het land op dit moment, wat mij betreft in elk geval nog lang niet aangetoond… 

Hartelijke groeten, Guido van Oss

Reacties op deze nieuwsbrief  zijn uiteraard welkom, mail dan naar: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.


*) De in Sterksel geboren en getogen Guido is hoofdredacteur van het kwartaaltijdschrift China Nu, uitgegeven door de Vereniging Nederland-China en redacteur van de website www.geledraak.nl. Hij verblijft regelmatig in China. Guido is ook auteur van het boek Krachtige Karakters, zie www.krachtigekarakters.webs.com.

Laatst aangepast op zaterdag, 16 augustus 2014 15:46